img60209102De week voor Kerst. Overal worden verhalen verteld. Sommige mensen vertellen het verhaal van het kindje in de kribbe, anderen het verhaal van een kerstman in een slee die cadeautjes brengt. Ik hecht aan het verhaal van het kindje in de kribbe. Maar ik hecht ook aan een ander verhaal. Het past bij Kerst, maar ook bij deze tijd van ‘dingen’ en ‘meningen’. Op het eerste gezicht een verhaal over een lui muisje. Maar hoe vaker je het leest, hoe mooier het wordt.

Het verhaal gaat over een groep muizen die druk is met het aanleggen van hun wintervoorraad. Muisje Frederick doet niet mee. Hij zit stil en verzamelt zonnestralen, kleuren en woorden. Frederik verzamelt  immateriële zaken voor de momenten dat deze zo nodig kunnen zijn. Als je er doorheen zit, is hij er met een mooi verhaal, een fijne warme herinnering of zelfs een gedicht.

Op zoek naar de diepere laag

Ik heb het verhaal met kinderen uit mijn klas besproken. Bijzonder om te zien wat ze uit dit verhaal halen. Eerst de bovenste laag:  muisjes, wintervoorraad en een muis die niets doet. Naar mate je het verhaal vaker voorleest en er over praat, gaan ze de diepere laag zien:  dat je meer nodig hebt dan eten alleen, dat je blij kunt worden van kleuren en een gedicht. Het verhaal zet kinderen aan het denken. Het biedt hen ruimte voor verschillende manieren van uiten van hun mening en gevoel.  De een voelt zich aangesproken door de prachtige platen, de anderen door het gedichtje, door de malle muizen en er zijn ook kinderen die feilloos aanvoelen wat de schrijver eigenlijk wil zeggen.

Aanzet tot creativiteit

Schrijver, schilder en ontwerper Leo Lionni heeft dit boek geschreven. Beeld en tekst vullen elkaar erg goed aan. Het boek is voor 4+, maar ik denk dat het juist voor wat oudere kinderen (of volwassenen!) een fantastisch verhaal is. Een mooi begin voor filosofische gesprekken, gesprekken over waarden, over wat is belangrijk(er), en uiteraard kan het aanzetten tot creativiteit in de meest uiteenlopende vormen.

Vragen die je met kinderen zou kunnen bespreken zijn bijvoorbeeld:

  • Wanneer ben je een gemeenschap of een groep?
  • Vind je dat iedereen een bijdrage moet leveren aan een gemeenschap?
  • Welke bijdrage lever jij aan een gemeenschap waar jij onderdeel van uit maakt?
  • Wat dragen de muizen bij aan hun gemeenschap?
  • Vind je dat Frederick eten verdient? Hij heeft immers niet mee gewerkt om het te verzamelen?
  • Vind je dat Frederick werkt?
  • Wat maakt een bepaald beroep/werk belangrijk?
  • Is het werk wat Frederick doet net zo belangrijk als het werk wat de andere muizen doen?
  • Wat zou er gebeurd zijn met de muizen als Frederick niet zijn bijzondere verzameling had opgebouwd?
  • Waarom schrijven mensen gedichten?
  • Is gedichten schrijven werk?
  • Waarom hebben mensen gedichten of kunst nodig?
  • Zijn de gedichten en kleuren voor de muizen net zo belangrijk als het eten?

Voorlezen!

Hier onder de tekst van het verhaal, maar ik zou het boek gewoon meteen kopen. Niet onder de kerstboom leggen, maar nog flink uit voorlezen de komende week. Het verhaal van Frederick is mij heel dierbaar. We lazen het voor de aanwezige kinderen tijdens de herdenkingsdienst van mijn moeder.

Ik wens jullie allemaal een mooie week voor Kerst toe, dan genieten van vakantie. Goede kerstdagen.

x RJ

 

Leo Lionni, Uitgeverij Ankh-Hermes, Deventer, 1974

Rondom de weide waar de koeien graasden en de paarden draafden, stond een muur van oude, oude stenen. En in die muur, vlakbij de schuur met de graanzolder, woonden de veldmuizen, een babbelziek gezinnetje.

Maar de boeren waren er weggetrokken, de schuur lag verlaten en de graanzolder was leeg. De winter stond voor de deur, en de kleine muizen begonnen koren te verzamelen en noten en tarwe en stro. Allemaal werkten ze dag en nacht.

Allemaal – behalve Frederick.

‘Waarom werk jij niet, Frederick?’ vroegen ze.
‘Ik werk toch’, zei Frederick. ‘Ik verzamel zonnestralen voor de koude, donkere wintertijd.’ En toen ze zagen hoe Frederick daar maar zat en naar de weide tuurde, vroegen ze: ‘En nu dan, Frederick? ‘‘Nu verzamel ik kleuren’, zei Frederick kalm. ‘Want in de winter is alles grauw.’

En één keer leek het zelfs of Frederick bijna sliep. ‘Droom je soms, Frederick?’ vroegen ze verwijtend. Maar Frederick zei: ‘O nee. Ik verzamel woorden. Want de winter heeft vele en lange dagen, en dan weten wij niets meer te zeggen misschien.’
Toen kwam de winter en de eerste sneeuw en de vijf kleine veldmuizen zochten hun schuilplaats op tussen de stenen van de oude muur. In de eerste tijd was er eten genoeg. De muizen vertelden elkaar van domme vossen en malle katers en ze waren erg gelukkig samen.

Maar beetje bij beetje hadden ze haast alle noten en bessen opgeknabbeld. Er was geen stro meer en hoe koren er eigenlijk uitzag, dat waren ze bijna vergeten. Ze hadden het koud tussen de stenen, en babbelen deden ze geen van allen meer.

Toen dachten ze opeens waar aan Frederick, en wat hij gezegd had over zonnestralen en kleuren en woorden. ‘Hoe staat het met jouw voorraad, Frederick?’ vroegen ze.

‘Doe je ogen maar dicht’, zei Frederick, en hij klauterde op een grote steen. ‘Nu stuur ik jullie mijn zonnestralen. Voel je hun warmte, hun gouden gloed…’ En terwijl Frederick sprak van zon en zomer, werden de vier kleine muizen al warmer en warmer.

‘En de kleuren, Frederick, de kleuren?’ vroegen ze ongeduldig. ‘Doe je ogen maar weer dicht’, zei Frederick. En hij vertelde over de blauwe korenbloem, de rode klaprozen in het gele graan en het groene blad van de bessenstruik. Toen zagen ze al die kleuren weer voor zich, zo duidelijk alsof hun eigen gedachten ermee opgeschilderd waren.
‘En de woorden, Frederick?’
Frederick schraapte zijn keeltje, wachtte even en toen, alsof hij op een toneel stond, begon hij:

‘De winter is zo lang en koud.
En muizen zijn maar klein.
Het valt niet mee, o nee, o nee,
om nu een muis te zijn.
Maar we zijn met ons vijven,
in een holletje van steen;
dat maakt een heel verschil,
want zo is geen van ons alleen.
Wij dromen van de zonneschijn,
van graan en beukennootjes;
daar krijg je warme oortjes van,
en warme muizenpootjes.
Nog eventjes, nog eventjes,
de lente komt er aan!
Dan wordt het weer een leventje
van zonneschijn en graan!’
Toen het uit was, begonnen ze allemaal te klappen. ‘Frederick’, riepen ze, ‘je bent een dichter!’ Frederick bloosde, boog en zei verlegen: ‘Ik weet het…’

 

Koop nu mijn boek Schrijf je blij

 

Ik wil niets missen
Wil je mij toevoegen aan je e-mail lijst?
Frederick bloosde, boog en zei verlegen: ‘Ik weet het…’ Een kerstverhaal.

2 gedachten over “Frederick bloosde, boog en zei verlegen: ‘Ik weet het…’ Een kerstverhaal.

  • 19/12/2016 om 08:44
    Permalink

    Mooi!
    Ik kan haast niet wachten om m’n klas een schilderopdracht te geven. Wat zien zij als ze hun ogen sluiten? Welke beelden hebben zij bewaard? Wat is zo’n fijn moment dat ze het bij zich houden?

    Beantwoorden
    • 19/12/2016 om 11:04
      Permalink

      leuk om te horen. Ben benieuwd: laat je het resultaat weten?

      Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Inspiratie en onderwijs: graag!

Hoe leuk als je af en toe een interessant bericht van mij ontvangt!
Ik laat je weten wanneer mijn nieuwe blog te lezen is en hou je op de hoogte van belangrijke ontwikkelingen op mijn website.

Voornaam
Email adres
Ik ben heel zuinig op jouw gegevens, daar kun je op rekenen